Regels Fiets van de zaak worden simpeler

Een fiets van de zaak is op dit moment niet echt een aantrekkelijke optie voor werknemers. Dat komt onder andere door de ingewikkelde berekening van de bijtelling voor het privégebruik van de fiets. Dat kan een stuk eenvoudiger, vindt het kabinet. De fiscale fietsregeling wordt daarom versimpeld.

Bijtelling
Gebruikt een werknemer de fiets van de zaak ook privé dan moet je een bijtelling toepassen. De waarde in het economische verkeer van dit privégebruik is namelijk loon van de werknemer. Die waarde bepaal je door het aantal privékilometers te vermenigvuldigen met de kilometerprijs. Daarbij tellen de kilometers voor woon-werkverkeer niet mee. Dit zijn namelijk zakelijke kilometers, ook als de werknemer even thuis gaat lunchen en vervolgens weer naar zijn werk fietst. Een eigen bijdrage van de werknemer voor het privégebruik van de fiets trek je af van de waarde in het economisch verkeer. Levert dit een negatief bedrag op, dan mag je dat niet van het loon aftrekken.
De kilometerprijs bestaat uit de kosten per kilometer van de fiets aan elektriciteit, onderhoud, reparatie, afschrijving en verzekering.

Forfaitaire bijtelling
Bovenstaande toont aan dat de berekening van de bijtelling voor het privégebruik van de fiets behoorlijk complex is. Door al die ingewikkelde regels wordt maar beperkt gebruik gemaakt van de fiets van de zaak. Het kabinet wil daarom de fiscale fietsregeling versimpelen. Net als dat voor de auto van de zaak een forfaitaire bijtellingsregeling geldt, komt er ook een forfaitaire bijtelling voor de fiets van de zaak. Bovendien mag de leasefiets straks naast de auto van de zaak worden gebruikt.
De fietsplannen moeten nog verder worden uitgewerkt met de brancheverenigingen. Het is de bedoeling dat de nieuwe fiscale fietsregeling per 1 januari 2020 ingaat.

 

2018-04-20T09:27:20+00:00 20 april, 2018|