Let op bij vaststellingsovereenkomsten

Tussen bedrijven onderling worden geschillen vaak in de compromissfeer opgelost. Wist u dat dit ook met de Belastingdienst kan, zodat een gang naar de rechter wordt vermeden? Hoe gaat dat in zijn werk? Wat zijn de aandachtspunten?

Als u een geschil met de Belastingdienst oplost, dan kan een dergelijke overeenkomst kwalificeren als een zogenoemde ‘vaststellingsovereenkomst’.
Om te beoordelen of er sprake is van een vaststellingsovereenkomst, wordt getoetst aan de vereisten van art. 7:900 BW. Dit betekent dat er sprake is van een vaststellingsovereenkomst als, eenvoudig gezegd, voldaan is aan de volgende voorwaarden:

  • de overeenkomst is ter beëindiging of voorkoming van een geschil;
  • partijen stellen vast wat de oplossing voor hun geschil is (vaststelling van de rechtstoestand);
  • de overeenkomst heeft ten doel om partijen te binden zelfs als ze afwijken van de bestaande rechtstoestand.

Als er sprake is van een vaststellingsovereenkomst, betekent dit dat beide partijen gebonden zijn aan die overeenkomst.
Is er slechts overeenstemming tussen partijen zonder dat er sprake is van een vaststellingsovereenkomst (eenzijdige akkoordverklaring)? Dan is de fiscus wel gebonden aan die afspraak maar een belastingplichtige niet. Dat komt omdat de Belastingdienst gebonden is aan het vertrouwensbeginsel als algemeen beginsel van behoorlijk bestuur. Voor belastingplichtigen gelden die beginselen niet.
Om te voorkomen dat er discussie ontstaat over de vraag of er sprake is van een vaststellingsovereenkomst, wordt vaak schriftelijk afgesproken dat de belastingplichtige geen (verder) bezwaar en beroep mag instellen.

De bedoeling van een vaststellingsovereenkomst is om een geschil met de Belastingdienst te voorkomen of te beëindigen. Partijen stellen daarom samen vast hoe de rechtstoestand moet zijn, zoals de uiteindelijke waarde van een pand of de aandelen. Gezien het karakter van een vaststellingsovereenkomst is het dus niet de bedoeling dat die gemakkelijk kan worden opengebroken.
Een vaststellingsovereenkomst kan daardoor zelfs de wet opzij zetten tenzij de overeenkomst evident in strijd is met de wet.
Bovendien blijft een vaststellingsovereenkomst zijn geldigheid behouden als:

  • er bijvoorbeeld later een voordeligere uitspraak van de rechter komt over eenzelfde conflict; of
  • bijvoorbeeld een andere belastingplichtige die in dezelfde omstandigheden verkeert, een betere overeenkomst heeft gesloten.

Een vaststellingsovereenkomst kan wel zijn geldigheid verliezen als u bijvoorbeeld onder druk bent gezet door de Belastingdienst om de overeenkomst te sluiten. In de praktijk is dit doorgaans moeilijk te bewijzen.
Als u dus voornemens bent om afspraken te maken met de Belastingdienst over een fiscaal conflict, dan doet u er verstandig aan om bedenktijd te vragen. U kunt die tijd dan benutten om de concept vaststellingsovereenkomst door ons te laten beoordelen.

2017-03-30T11:58:13+00:00 29 oktober, 2015|