Vanaf 1 januari jl.. heeft het kraamverlof plaats gemaakt voor het geboorteverlof. Tegelijk wordt het adoptie- en pleegzorgverlof verlengd naar zes weken (was vier). Dit zijn de belangrijkste wijzigingen:

Het geboorteverlof
Met de ‘Wet invoering extra geboorteverlof’ (WIEG) gaan uw medewerkers die meer dan twee dagen werken erop vooruit. In plaats van twee dagen kraamverlof, krijgen zij een geboorteverlof met een duur van één werkweek.

Een werknemer die 36 uur per week werkt, heeft straks dus recht op 36 uur verlof na de bevalling van zijn partner. Tijdens dit verlof houdt de werknemer recht op het volledige loon. Er kan een uitzondering zijn. Staan er in de cao of een regeling met de ondernemingsraad (OR) of personeelsvertegenwoordiging (PVT) afwijkende afspraken over het kraamverlof? Dan blijven deze afspraken gelden totdat de cao of regeling is verlopen. Dit geldt uiterlijk tot 1 juli 2019.
Vanaf 1 juli 2020 krijgen werknemers naast het geboorteverlof ook recht op aanvullend geboorteverlof. Dit aanvullende verlof bedraagt vijfmaal de wekelijkse arbeidsduur. Een fulltime werknemer kan dan dus in totaal zes weken verlof opnemen.

Start van het geboorteverlof
Het geboorteverlof gaat direct in na de dag van de bevalling. Op de dag van de bevalling zelf heeft uw werknemer zogenaamd calamiteitenverlof. Het geboorteverlof moet binnen vier weken na de bevalling worden opgenomen. Tegelijk vervalt het recht op een voorschot van drie dagen ouderschapsverlof dat medewerkers (nu nog) aansluitend op het kraamverlof kunnen nemen.

Adoptie- en pleegzorgverlof
Het adoptie- of pleegzorgverlof wordt verlengd naar zes weken. Uw werknemers hebben dan recht op een uitkering van 100 procent van het dagloon (tot max. het  maximumdagloon). Werknemers kunnen het adoptie- en pleegzorgverlof opnemen vanaf vier weken voor de eerste dag dat het kind in het gezin wordt opgenomen tot 22 weken daarna. Uw werknemer hoeft dit verlof niet in één keer op te nemen. Spreiden over 26 weken is ook mogelijk.