Vanaf 2020 worden de tarieven en aftrekposten in box 1 en 2 gewijzigd. De BV wordt daardoor vaak extra interessant. Is dit voor een ondernemer ook voldoende interessant om de overstap vanuit de inkomstenbelasting te maken?

Tarieven vennootschapsbelasting.
BV’s betalen momenteel over de eerste € 200.000 winst 19% vennootschapsbelasting (Vpb). Over het meerdere is het tarief nu 25%. Volgend jaar dalen deze tarieven naar 16,5 respectievelijk 22,55%. In 2021 dalen ze verder naar uiteindelijk 15 en 20,5%.
Indien u als dga de winst uit uw BV haalt, betaalt u momenteel 25% belasting in box 2. Volgend jaar wordt dit verhoogd naar 26,25% en in 2021 uiteindelijk naar 26,9%.

Voor het netto-effect van deze wijzigingen gaan we ervan uit dat een BV in 2019, 2020 en 2021 winst maakt en deze uitdeelt aan de dga. Dit levert de volgende belastingdruk op:

JaarWinst < €200.000Winst > €200.000
201939,25%43,75%
202038,42%42,88%
202137,87%41,89%


Tarieven inkomstenbelasting
De tarieven in de inkomstenbelasting dalen de komende jaren ook. Vanaf 2021 is het tarief in box 1 37,05% tot een inkomen van € 68.507. Over het meerdere betaalt u 49,5%.
De meeste aftrekposten mag u vanaf 2020 echter ook niet meer aftrekken tegen het toptarief. U ondervindt hier alleen nadeel van als uw box 1-inkomen meer bedraagt dan € 68.507. Het betreft, naast de al jaren beperkte aftrek van hypotheekrente, persoonsgebonden aftrekposten, bijvoorbeeld zorgkosten en giften, maar ook de specifieke aftrekposten voor ondernemers. Denk met name aan de zelfstandigenaftrek, MKB-winstvrijstelling, S&O-aftrek en meewerkaftrek. Aftrekposten leveren in 2020 nog maar een voordeel op van maximaal 46%. De drie jaren erna wordt dit verder afgebouwd naar 43, 40 en ten slotte 37,05% in 2023.

Voordelen van een B.V.
De overstap naar een BV wordt vaak pas gemaakt als een deel van de winst niet direct consumptief wordt besteed, maar wordt opgepot. In de BV kan dit namelijk belastingvrij.
Het omslagpunt ligt niet exact vast en verschilt per situatie, maar ligt momenteel meestal ergens rond € 150.000. Dit omslagpunt komt door de wijzigingen vanaf 2023 in ieder geval lager te liggen. Het toptarief daalt immers slechts met 2,25 procentpunt (51,75 -/- 49,5), terwijl aftrekposten tot 14,7 procentpunt (51,75 -/- 37,05) minder aan aftrek opleveren.
Bovendien profiteert ook de DGA voor wat betreft zijn gebruikelijk loon van de lagere tarieven in box 1 en van de tariefsverlaging over de winst van de BV.