Eindejaarscorrecties BTW

In de laatste aangifte omzetbelasting over het jaar 2018 dienen – zoals ieder jaar- verschillende correcties te worden verwerkt. Daarbij moet u bijvoorbeeld denken aan de volgende correcties:

Privégebruik auto van de zaak
Gedurende het boekjaar mag een ondernemer alle btw op de kosten voor de auto van de zaak in aftrek brengen in zijn aangifte omzetbelasting, mits er aan de ondernemer is gefactureerd en de desbetreffende bonnen kunnen worden overlegd. Aan het einde van het boekjaar geeft de ondernemer dan btw aan voor het privégebruik van hemzelf en/of zijn werknemers wanneer er privé gebruik wordt gemaakt van de auto van de zaak. Uitgangspunt hierbij is dat de te betalen btw wordt berekend aan de hand van de verhouding tussen het aantal werkelijk gereden privékilometers en het totaal aantal kilometers op basis van de werkelijk gemaakte uitgaven. Het woon-werkverkeer wordt daarbij aangemerkt als privé.
De ondernemer kan- indien gewenst – gebruikmaken van een goedkeuring van de staatssecretaris van Financiën. In dat geval kan hij 2,7% van de cataloguswaarde (inclusief btw en bpm) van de auto aangeven als correctie op de eerder genoten aftrek. Dit percentage mag worden verlaagd naar 1,5% vanaf het vijfde jaar volgend op het jaar van eerste ingebruikname. Dit lagere percentage mag ook worden gehanteerd indien de ondernemer bij aanschaf van de auto geen btw in aftrek heeft gebracht.

Overig privégebruik o.g.v. BUA
Naast het privégebruik voor de auto van de zaak moeten nog meer correcties worden doorgevoerd voor eventueel privégebruik door de ondernemer, zijn personeel of relaties. Het besluit uitgesloten aftrek (BUA) sluit de aftrek van btw op relatiegeschenken en personeelsvoorzieningen uit als deze gratis of beneden kostprijs ter beschikking worden gesteld door de ondernemer. Voorbeelden van dit privégebruik betreffen de vestrekkingen in de kantine, relatiegeschenken, personeelsuitjes en kerstpakketten. De correctie mag buiten beschouwing gelaten worden wanneer de verstrekkingen aan de werknemer of relatie onder de € 227,- per begunstigde blijven.

Herrekening van de omzetbelasting
De mate van aftrek van voorbelasting wordt bepaald op het moment dat de ondernemer goederen of diensten aanschaft. Worden de goederen of diensten volledig gebruikt voor btw-belaste doeleinden dan mag de volledige btw in aftrek worden gebracht. Als de goederen of diensten gebruikt worden voor vrijgestelde doeleinden dan mag de btw uiteraard niet in aftrek worden gebracht. Wanneer de goederen of diensten voor zowel btw-belaste als vrijgestelde doeleinden gebruikt wordt dan moet de voorbelasting pro rata in aftrek worden gebracht.

Herziening van de omzetbelasting
De aftrek van btw op de aanschaf van onroerende zaken en roerende zaken waarop wordt afgeschreven wordt na het jaar van de eerste ingebruikname nog een aantal boekjaren “gevolgd” voor de omzetbelasting. Voor onroerende zaken is deze periode negen jaar na het boekjaar van ingebruikname en voor roerende zaken vier jaar na het boekjaar van ingebruikname. Gedurende deze twee termijnen dient aan het eind van elk boekjaar de aftrek van de omzetbelasting opnieuw te worden beoordeeld. Als het gebruik in het afgelopen boekjaar tot een andere btw-aftrek dan de aftrek van ingebruikname leidt, moet een correctie worden doorgevoerd.

2019-01-10T08:09:29+00:00 10 januari, 2019|