Als bestuurder kunt u aansprakelijk worden gesteld als het aan uw ‘onbehoorlijke bestuur’ te wijten is dat de BV belastingschulden niet betaalt. Uit een recente rechterlijke uitspraak blijkt nog eens dat u goed op uw tellen moet passen.

BV failliet.
In deze zaak bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, gaat het om een onderneming die opleidingen verzorgt op het gebied van management en logistiek. De zaken gaan niet best en uiteindelijk gaat de BV medio 2013 failliet. Na dit faillissement blijkt dat de BV de nodige schulden heeft achtergelaten. Niet in de laatste plaats bij de Belastingdienst. De Belastingdienst heeft nog een bedrag van € 188.000,- te vorderen.

Omdat de BV (uiteraard) deze vordering niet meer kan voldoen, stelt de Belastingdienst de bestuurder in privé aansprakelijk voor het gehele openstaande bedrag dat is ontstaan in de periode van mei 2012 tot het faillissement van de BV.

Wat is onbehoorlijk bestuur?
Als bestuurder bent u in beginsel niet privé aansprakelijk voor de schulden van uw BV. Dit is alleen anders indien de belastingschulden als gevolg van door u gevoerd onbehoorlijk bestuur onbetaald zijn gebleven. Daarbij moet u zich als bestuurder ervan bewust zijn geweest dat uw handelen ertoe zou leiden dat de Belastingdienst erbij in zou schieten.

Een belangrijk aspect hierbij vormt de melding van betalingsonmacht. Deze melding moet schriftelijk gedaan worden binnen twee weken na de dag waarop de verschuldigde belasting moest zijn afgedragen/voldaan.

Als een bestuurder de betalingsonmacht niet op tijd meldt, geldt een wettelijk vermoeden dat het onbetaald blijven van de belastingschulden te wijten is aan zijn onbehoorlijke bestuur. Het is dan aan de bestuurder om het tegendeel te bewijzen. Bij een tijdige melding ligt de bewijslast hiervoor bij de Belastingdienst.

Standpunt inspecteur
In deze zaak werd voor een deel van de aanslagen de melding betalingsonmacht te laat gedaan. Daardoor werd de bewijspositie van de bestuurder behoorlijk verzwakt. De inspecteur verwijt hem dat de BV handelscrediteuren sneller heeft betaald dan de Belastingdienst. Dit is onbehoorlijk bestuur waarmee bewust het risico is genomen dat belastingschulden onbetaald zouden blijven.

Uitspraak rechter
De rechter geeft de inspecteur grotendeels gelijk. Volgens de rechter was het namelijk pas vanaf november 2012, door de drastische daling van de omzet voor de bestuurder, duidelijk dat het versneld betalen van de handelscrediteuren tot gevolg zou hebben dat belastingschulden onbetaald zouden blijven. Vanaf dat moment kunnen de openstaande belastingschulden op de bestuurder worden verhaald. Uiteindelijk wordt de aansprakelijkheidsstelling van de bestuurder bepaald op € 171.000,-.

Ben u als bestuurder bewust van uw risico op bestuurdersaansprakelijkheid? Uit deze uitspraak blijkt dat het voorrang geven aan andere crediteuren dan de Belastingdienst ertoe kan leiden dat u als bestuurder achteraf in privé aansprakelijk wordt gesteld voor onbetaalde belastingschulden van uw BV. Meld de betalingsonmacht van de BV daarom altijd tijdig.